PAP en Complexe Training

PAP en Complexe Training

PAP staat voor “Post Activatie Potentiatie”. Denk aan de sprinter die voor hij in het startblok stapt eerst een paar keer explosief opspringt. Het lichaam is maximaal ‘wakker’ en zo beter voorbereid op een explosieve actie.

Trainingsprikkels zijn specifiek, d.w.z. dat de effecten het grootst zijn bij de bewegingsvorm, coordinatie, intensiteit, snelheid, etc. van die beweging. Bij voorbeeld; kracht trainen waarbij de spier in verkortte toestand is levert vooral een krachtstijging op van die spier in die verkortte toestand, een actie bij een lagere snelheid levert vooral krachtwinst op bij die lage snelheid. Tijdens de dagelijkse en vrijwel alle sportactiviteiten is de snelheid en dus het vermogen zo hoog mogelijk (en spreken we ook over prestatieVERMOGEN).

Complexe training is een trainingsvorm waarbij oefeningen worden gedaan met verschillende weerstanden (en dus snelheden), eventueel eindigend met een sportspecifieke activiteit, zoals een sprint start of vrije sprongen (basketbal dunk, volleybal smash, voetbal koppen, sprint start, turnen paard sprong, etc.). Je begint met een zware weerstand (bij voorbeeld squat, leg press of flywheel squat), vervolgens doe je een FieldPower sprong (hoge snelheid) en dan een vrije sprong, eventueel gevolgd door een sportspecifieke actie. Het doel van complex trainen is het optimaliseren van de ‘transfer’ van het effect van een oefening naar de prestatie van de (sport)activiteit.